Fondsselectie is mensenwerk

[ad_1]

Hoe ben je in de beleggingssector terechtgekomen?

“Mijn eerste baan in de beleggingswereld was bij ABN Amro Beleggingsadvies. Ik ben aangenomen aan de aandelenresearch-kant door een van de meest respectabele beleggers die ik kende, Theo Kraan. Niet lang daarna begon ABN Amro met open architecture, dat was een groot project en voor de bank ook echt nieuw: welke fondsen mogen op het schap naast de huisfondsen? Ik mocht van ABN Amro dat project opzetten en samen met het team in Parijs bepalen welke fondsen er op het ABN Amro-platform mochten staan. Zo ben ik in de fondsenwereld, overigens een hele kleine wereld, terecht gekomen.”

“Maar voordat ik aan de beleggingskant begon, werkte ik in de IT als business consultant bij ABN Amro. Ik heb eerst informatica gestudeerd. Ik kwam er echter al snel achter dat beleggen veel interessanter en dynamischer is. Ik volg nieuws en trends altijd op de voet en alles is van invloed op de beurskoersen; beleggen past daarom bij mijn interesses. Daarom ging ik bij Theo Kraan aan de slag en heb in deeltijd aan de UVA de opleiding bedrijfseconomie met specialisatie in beleggingsleer en portefeuilletheorie afgerond.”

- Advertentie -

Wat is het leukste aan je werk?

“Het mooie van fondsen selecteren is dat het verder gaat dan alleen kijken naar welke aandelen of obligaties fondsmanagers in portefeuille hebben. Het gaat er ook om wat de manager denkt, hoe hij beleggingskansen identificeert, wat hij vindt van trends, in welke bedrijfscultuur hij opereert en welke risico’s hij neemt. We hebben zo’n 40 assetmanagers op ons platform. Eigenlijk is elke kennismaking met een manager een sollicitatiegesprek. En naarmate fondsbeheer kwantitatiever wordt, krijg je ook met verschillende types fondsmanagers te maken. Een fondsmanager met een interessante beleggingsaanpak kan introvert zijn en niet zijn verhaal altijd even goed presteren, maar daar prikken wij doorheen.”

“We kijken ook hoe huizen hun managers opleiden. Bijvoorbeeld; bij Fidelity begin je als analist, de beste analisten kunnen een sectorfondsmanager worden en vervolgens doorstromen naar een positie als regiofondsmanager. Hierdoor wordt het kaf van het koren gescheiden en weet je op welke strategieën de betere managers zitten. Een ander goed voorbeeld is Comgest. Daar zijn portfoliomanagers ook analist, waardoor ze dichter op de bedrijven en de ontwikkelingen bij deze bedrijven zitten.”

“Voor ons is het interessant om te zien hoe fondshuizen personeel aantrekken en hoe ze deze behouden. We voeren elke dag veel gesprekken, stellen heel veel vragen. Bijvoorbeeld over de bronnen die fondsmanagers gebruiken en hoe ze op hun ideeën komen. Je kunt veel kwantitatief maken bij fondsselectie, maar er blijft ook veel subjectief bij de beoordeling van een beheerder. En eigenlijk nemen we overal een kijkje in de keuken. Wat daarbij helpt is dat ik bij ABN Amro in mijn laatste functie zelf portefeuilles heb beheerd voor het wealth management-segment. Het helpt om te denken als een klant: hoe ervaart de klant de visie en beleggingsaanpak van de manager? Dat is vaak een heel persoonlijke beleving.”

“Het mooie van fondsen selecteren is dat het verder gaat dan alleen kijken naar welke aandelen of obligaties fondsmanagers in portefeuille hebben”

En toen vertrok je van ABN naar – uiteindelijk – Rabobank

“Ja, in 2008 zat ABN Amro in een turbulente tijd en werd ik door Schretlen gevraagd om daar het fondsplatform verder te professionaliseren. Kort daarna ging Schretlen samen met Rabobank en kon ik mijn werk daar voortzetten. Bijvoorbeeld door een raamwerk op te zetten voor fondsselectie dat niet alleen uit kwalitatieve punten bestaat, maar ook uit kwantitatieve variabelen om de subjectiviteit te verminderen.”

Wat is er veranderd in het vak van fondsselectie in de afgelopen jaren?

“Toen ik begon waren er nog veel stermanagers. Nu ligt de nadruk veel meer op teams. Daarnaast is ESG-integratie nu meer standaard dan uitzondering. Duurzaam beleggen bij Rabobank begon met het uitsluiten van beleggingen in controversiële wapens, daarna tabak. Ook eisen wij dat assetmanagers de UNPRI hebben ondertekend en global compact hebben geïntegreerd in hun beleggingsproces. Ook verwachten we actief eigenaarschap van deze assetmanagers door de implementatie van een voting- en engagementbeleid. De beoordeling van beleggingen op ESG-criteria is nu een vast onderdeel in de beleggingsmodellen van de meeste assetmanagers.”

“Wat ook verbeterd is, is diversiteit en inclusion in het algemeen. Tien jaar geleden was ik een van de weinige vrouwen op conferenties en events. De man-vrouwmix is nu veel beter. Ik kijk en vraag daar ook zelf altijd naar bij fondsselectie. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt ook hoe diverser een team is, hoe beter het risico-rendementsprofiel van een fonds is. Ik vind het positief om te zien dat assetmanagers iets doen met de feedback die ik ze geef. Bijvoorbeeld wanneer ik bij een fondsmanager heb aangegeven dat zijn team wel wat gemengder mag en dat in het gesprek daarna blijkt dat er nieuwe mensen zijn aangenomen. En omdat we vaak een van de grootste beleggers in een fonds zijn, kunnen we dit vragen. Ook omdat Rabobank zelf het goede voorbeeld geeft. Ons eigen team is heel divers, onze RvB bestaat voor 40% uit vrouwen.”

“Assetmanager gaan terug naar hun kerncompetenties. Dat maakt het onderscheidend vermogen tussen partijen duidelijker”

Nog meer veranderingen?

“Kostenverlagingen. Beleggingsfondsen zijn een stuk goedkoper geworden. Niet alleen door het verdwijnen van de kickback, maar door engagement met assetmanagers en zeker ook door de komst van ETF’s. Bij Rabobank bekijken we voortdurend hoe wij onze beleggingsaanpak kunnen verbeteren om meer rendement voor onze klanten te genereren. Wij beleggen daarom zowel actief als passief. We hanteren een core-factor-satellite-model voor onze portefeuilles. De kern richten wij passief in, daar omheen zit een laag factorbeleggingen en daaromheen zitten onze tactische bets, die actief worden ingevuld of passief als actief geen waarde toevoegt. We willen best betalen voor actieve managers, maar ze moeten de hogere kosten wel waar kunnen maken.”

“Door de groei van passief zie ik bij actieve assetmanagers meer focus. In Nederland hebben bijvoorbeeld NNIP en Triodos het aantal beleggingsstrategieën teruggebracht. Ik vind dat een goede ontwikkeling. Assetmanager gaan terug naar hun kerncompetenties. Dat maakt het onderscheidend vermogen tussen partijen duidelijker.”

“Er zit verder ook veel beweging aan de kostenkant, er komen andere businessmodellen. Bijvoorbeeld assetmanagers die een lage basisfee hanteren en een performance fee er bovenop leggen.”

Is het lastig om echt te zien wat assetmanagers aan duurzaam beleggen doen? Er zijn geen standaarden.

“Ik vraag een manager altijd waarop ik zijn fonds kan beoordelen. Wat zijn de doelen van zijn strategie? Is dat alleen het behalen van een financieel rendement en/of ook een impactrendement? Er zijn nog weinig assetmanagers die hier een goed uitgewerkt plan voor hebben. Om greenwashing te voorkomen is daarom belangrijk om te weten wat de doelen zijn, hoe die gemeten worden, op welke duurzame thema’s vermogensbeheerders de focus in hun portefeuilles leggen. En of we ze kunnen vergelijken met een benchmark of met andere fondsen.”

Moet er een standaard ESG-raamwerk komen?

“Dat zou wel helpen, omdat nu iedere assetmanager een eigen definitie heeft. We zien meer initiatieven en samenwerkingsverbanden om tot standaarden te komen. Dat is een positieve ontwikkeling. Het gebrek aan goede ESG-data maakt assetmanagers wel creatief. We zien nu dat een aantal partijen zelf bedrijven, die niet gevolgd worden door MSCI of Sustainalytics, een rating geeft en dit ook aanbiedt aan andere vermogensbeheerders. Maar data blijft wel een issue op ESG-gebied. Ook hoe zuiver is de data en in hoeverre is data van beoordelaars onderling te vergelijken?”

“Uiteindelijk wil je beleggen bij iemand die een drive heeft voor beleggen. Dit zijn managers die continu met hun vak bezig zijn en goede resultaten willen behalen voor klanten”

Wat maakt een belegger een goede fondsmanager?

“Ik heb in de loop van de jaren wel geleerd dat je dan meer moet hebben dan alleen maar economische bagage. De beste managers die ik ken hebben een andere achtergrond. Ze hebben naast financiële kennis een brede studie als filosofie of psychologie gedaan of daar veel belangstelling voor. Neem bijvoorbeeld George Soros, die heeft filosofie gestudeerd. Ik wil van fondsmanagers best veel weten, zoals welke boeken ze lezen, wat hun hobby’s en interesses zijn en wat hun persoonlijke motivatie is als belegger. Uiteindelijk wil je beleggen bij iemand die een drive heeft voor beleggen. Dit zijn managers die continu met hun vak bezig zijn en goede resultaten willen behalen voor klanten.”

Waar haal je zelf inspiratie vandaan?

“Ik lees veel, naast nieuws veel boeken van beleggingsexperts, economen en andere invloedrijke denkers. Zo ben ik onder de indruk van het boek Donuteconomie – In zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw – , van Kate Raworth. Dat zette me aan het denken over economische groei en de houdbaarheid van die groei. Het gaat om meer dan alleen een financieel rendement. Voor mij is het normaal dat je naast een financieel rendement ook de maatschappelijke kant van beleggingen in ogenschouw neemt. Het mooie van mijn functie is dat ik veel Nederlandse en internationale assetmanagers, CIO’s, stewardship en sustainability leaders ontmoet. Allemaal mensen met inspirerende visies en inzichten, waar ik zelf veel van leer en veel inspiratie uithaal.”

Werk je daarom ook voor de VBDO?

“Ik vraag fondsmanagers wat zij doen aan actief aandeelhouderschap. Ik vind dat ik dan zelf ook het goede voorbeeld moet tonen. Dus ben ik, met goedkeuring van Rabobank, naast mijn functie actief voor de VBDO, werk ik mee aan engagement met bedrijven en bezoek een aantal keer per jaar een aandeelhoudersvergadering namens de VBDO. Ik stel bedrijven vragen over hun duurzaamheidsbeleid.”

“Ik ben bijvoorbeeld bij Ahold, Heineken, Sligro en Wereldhave geweest. Het is mooi om te zien hoe deze bedrijven duurzaamheid steeds meer een plek geven binnen hun strategie. Jaarverslagen hebben steeds vaker een hoofdstuk over duurzaamheid waarin bedrijven bijvoorbeeld uitleggen op welke ESG-doelen zij zich richten. VBDO doet ook veel eigen research op het gebied van ESG en die kennis kan ik weer gebruiken voor mijn werk bij Rabobank. “

Wie is een voorbeeld voor jou?

“Ohh, deze vraag stel ik altijd aan fondsmanagers. Ik lees veel boeken van en over beleggingsexperts en fondsmanagers, maar ook autobiografieën of artikelen over ondernemende visionairs vind ik inspirerend. Zoals over Steve Jobs, Jeff Bezos of Jack Ma. Verder heb ik veel bewondering voor personen die uitblinken op hun terrein en gelijktijdig hun bekendheid gebruiken om maatschappelijke issues aan te kaarten, zoals Serena Williams of Amal Clooney. Mijn moeder is altijd mijn grote voorbeeld geweest. Zij heeft mij geleerd dat je als vrouw altijd financieel onafhankelijk moet zijn. Verder haal ik veel uit mijn culturele achtergrond. Ik ben geboren in Zuid-Amerika, heb Aziatische roots en ben opgegroeid in Nederland.” 


Wie is Rishma Moennasing?

Sinds begin van dit jaar is Rishma Moennasing Lead Funds & Sustainability bij Rabobank Group. Voordat zij elf jaar terug aan de slag ging bij Rabobank en Schretlen, werkte ze ruim tien jaar bij ABN Amro.

[ad_2]

- Advertentie -